Stichting Dzogchen Nederland
Stroming
De Stichting Dzogchen Nederland maakt deel uit van de Internationale Dzogchen Community, die bestaat uit studenten van de Tibetaanse Dzogchen leraar Chögyal Namkhai Norbu.
Leraar Chögyal Namkhai Norbu

De stichter van de Internationale Dzogchen Community is Chögyal Namkhai Norbu.
Hij werd in 1938 in Oost-Tibet geboren en maakt deel uit van een traditie van leraren die teruggaat tot de grondlegger van Dzogchen Garab Dorje ( geboren ± 184 bc ).
Chögyal Namkhai Norbu ontving vanaf zijn vroegste jeugd onderricht en inwijdingen van grote leraren uit de verschillende Tibetaans-boeddhistische tradities. Zijn belangrijkste leraar was Rinzin Changchub Dorje (1826-1978).
In 1960 kwam Namkhai Norbu naar het Westen en gedurende de periode van 1964 tot in de jaren '90 doceerde hij Tibetaanse en Mongoolse taal en literatuur aan de Universiteit van Napels. In deze tijd maakte Namkhai Norbu een grondige studie van de oorsprong van de Tibetaanse cultuur.
In 1976 begon Namkhai Norbu Dzogchen-onderricht te geven, eerst in Italië en later in andere landen over de hele wereld, waaronder ook Nederland.
Geschiedenis en leer
Visie
Dzogchen heeft van oudsher binnen alle Tibetaans-boeddhistische tradities beoefenaars gekend, net als binnen de Bön traditie, de belangrijkste traditie in Tibet voordat het boeddhisme werd ingevoerd.Dzogchen is een meditatieoefening en wordt als belangrijkste van de negen yana-systemen van de nyingma school in het Tibetaans boeddhisme beschouwd.
Het wordt ook gebruikt binnen de bön-religie en is de meest bekende nyingmaleer in het westen.
De naam is een samenvoeging van "Dzogpa Chenpo" ("Grote Perfectie").
Ook tegenwoordig speelt Dzogchen een rol in de verschillende Tibetaans-boeddhistische richtingen en in Bön.
Soms is Dzogchen onder een andere naam bekend, zoals Maha Ati of Ati Yoga.
Padmasambhava is de bron van de Dzogchenleer en de leer vormt de basis van de nyingma traditie waarmee het meestal geassocieerd wordt.
De leer wordt ook binnen andere scholen toegepast en een soortgelijk systeem is een onderdeel van de böntraditie en dateert van de mythische oprichter Tönpa Shenrab.
De huidige Dalai Lama beoefent Dzogchen, net zoals de grote Vijfde Dalai Lama dat deed.
De Dzogchenleer bestaat uit drie delen: Zienswijze, Meditatie en Actie.
Directe inwijding in iemands eigen natuur (het direct aanschouwen van de absolute natuur van de geest),
Alle twijfel wegnemen over deze unieke natuur (het stabiliseren van de Zienswijze en het tot een ononderbroken belevenis maken),
Vervolgens in die natuur verblijven (het integreren van de Zienswijze in het dagelijks leven).
Garab Dorje legde de essentie van Dzogchen vast in drie principes die bekend zijn geworden als 'de drie testamenten van Garab Dorje'.
Deze principes zijn:
1. De leraar introduceert de student rechtstreeks tot zijn of haar oorspronkelijke, niet-dualistische staat van bewustzijn.
2. De student heeft geen enkele twijfel over zijn ervaring van de niet-dualistische staat van contemplatie.
De student kan deze staat van contemplatie in al zijn activiteiten integreren tot het moment waarop de oorspronkelijke bewustzijnsstaat volledig is gerealiseerd. Tijdens de directe introductie wordt de oorspronkelijke staat overgedragen.
Deze staat is 'perfect vanaf het begin'.
Dzogchen betekent dan ook 'volledige perfectie'. Omdat bij ieder mens deze oorspronkelijke staat aanwezig is, hoeft de directe introductie niet plaats te vinden na een proces van voorbereidende beoefening, maar kan op ieder moment worden gegeven. Deze introductie hoeft niet op rituele wijze te worden overgedragen, maar kan ook op zeer informele wijze geschieden.
Dzogchen is geen geleidelijke, stapsgewijze weg. De leraar introduceert direct de oorspronkelijke staat. Het hangt van de student af of hij de oorspronkelijke staat kan realiseren en integreren. Als hij dat niet kan, is het mogelijk om beoefening uit de Soetra's en Tantra's als ondersteuning te gebruiken.
Het uiteindelijke doel van Dzogchen is zelfbevrijding.
Meditatie
Beoefening
Essentiële Dzogchen beoefeningen zijn: vormen van concentratie, 'sky-gazing' en het integreren van de in- en uitademing met relatief eenvoudige vormen van visualisatie.Soms spelen verschillende lichaamshoudingen daarbij ook een rol.
Daarnaast is er specifieke Dzogchen-beoefening gekoppeld aan een van de stadia na de dood.
Tenslotte is er ook de donkere retraite voor gevorderde beoefenaars.
De beoefenaar verblijft hierbij gedurende kortere of langere tijd in een volstrekt donkere ruimte, waarbij een beoefening wordt gedaan die tot volledige realisatie leidt door middel van het ontwikkelen van het innerlijke licht.
Daarnaast wordt Yantra Yoga en de Vajradans beoefend.
Yantra Yoga
Yantra Yoga werd door Guru Padmasambhava, de grondlegger van het Tibetaans boeddhisme overgedragen aan Vairocana, de grote vertaler.Bij het woord Yantra wordt vaak gedacht aan geometrische vormen, maar in het Tibetaans betekent het 'lichaamsbeweging'.
Yantra Yoga is een dynamische yogavorm: als ze goed worden uitgevoerd leiden de lichaamshoudingen automatisch tot verschillende, duidelijk omschreven vormen van in- en uitademing.
Hoewel sommige houdingen lijken op de asana's van Hatha Yoga, ligt het accent veel sterker op de beweging en minder op de houding.
Vajradans
De opzet van de Vajradans en de danspassen werden door Chögyal Namkhai Norbu in een droom ontvangen.
De deelnemers dansen op een mandala in de kleuren van de vijf elementen.
Door het uitvoeren van de dans wordt beoogd de staat van contemplatie binnen te gaan en te integreren met de langzame bewegingen.
Bovendien heeft de dans een harmoniserende werking op lichaam, spraak en geest.